Diepte Interview met Voedselbos Pionier: Martin Crawford

Martin Crawford is een van de pioniers in bostuiniereninfo-icon in de gematigde klimaatzone van West-Europainfo-icon. Hij is directeur van de Agroforestry Research Trust, heeft verschillende boeken geschreven over dit onderwerp en wordt beschouwd als een vooraanstaand expertinfo-icon op dit gebied. Ik ontmoet Martin in zijn 0,8 hectare, 20 jaar oude voedselbosinfo-icon in Dartington, Devon, Zuid-Engelandinfo-icon, zittend onder een groep van naaldbomen.

Garnenseinfo-icon: Kun je een voedselbos beschrijven?
Martin Crawford: Een eetbaar bosinfo-icon, eetbare eetbare bostuininfo-icon of voedselbos is een aangelegde tuin, met bomeninfo-icon, struikgewas en lagere planteninfo-icon met een zeer kenmerkende structuur, een beetje zoals een jong bosinfo-icon, maar niet helemaal hetzelfde. Je zou ook kunnen denken aan een boomgaardinfo-icon met extra boven- en onder-beplanting.

Alle bomen, struikgewas en lagere planten hebben een functie in het systeem, het zijn vaak eetbare planten, maar hebben ook andere toepassingen. Het is ontworpen zodat de plantinfo-icon tot plant interacties zo gunstig mogelijk zijn. Het systeem houdt zichzelf in stand en heeft een zeer lage input nodig.

Garnense: Wat eet je van een voedselbos?
Martin Crawford: In de 'kleine bomen laag' vind je meestal fruitbomen. Een andere manier van kijken naar een eetbaar bos is als een boomgaard, behalve dat er ook onder-beplanting en boven-beplanting is. Onder de boomgaard bomen vind je een mix van struikeninfo-icon die vruchten dragen. Lagere planten zijn vaak meerjarige kruideninfo-icon, of eventueel 2 jarige groenten. De boven-beplanting zijn bomen die hoger zijn dan de fruitbomen, dit kunnen fruit- of notenbomen zijn. Daarnaast kunnen ze bijvoorbeeld ook bijdragen aan de vruchtbaarheid van de eetbare bostuin.

Wat je eet zijn dus producten die je ook in een fruit- en notenboomgaard vindt. Daaronder vind je veel bladgewassen, zowel van bomen als vaste planten. Er zijn ook meer substantiële meerjarige groenten, zoals knollen, wortels en directe equivalenten van de jaarlijkse groenten, maar voornamelijk vaste planten.

Wil je meer? Duik de diepte in: 

Garnenseinfo-icon: Voor mensen die onbekend zijn met meerjarige gewassen, wat is een goede introductieinfo-icon in eetbare producten uit een voedselbosinfo-icon?
Martin Crawford: Er zijn heel veel vaste planteninfo-icon in de uienfamilie bijvoorbeeld. Die smaken zoals ui, knoflook en prei, of mengsels van deze smaken. Iedereen kent die basis smaken al via de gebruikelijke groenten.

Sommige van deze overblijvende soorten zijn zeer goed geschikt voor schaduw en zijn eenvoudig te integreren in een voedselbos. Een vaste plantinfo-icon zoals prei is bijvoorbeeld zeer gemakkelijk te kweken. Veel van de 'wilde' planten kunnen doelbewust worden geïntegreerd, zoals Daslook, die veel mensen vaak toch al kennen. In feite is er een zeer interessante overlap tussen de toenemende belangstelling voor het verzamelen van wilde eetbare planten en een eetbare bostuininfo-icon. Je vindt een heleboel dezelfde wilde planten in een eetbaar bosinfo-icon, welke er doelbewust geïntroduceerd zijn.

Een groot deel van de vruchten die je zou kunnen vinden in een voedselbos, zijn dezelfde die mensen vaak al hebben in hun siertuininfo-icon, alleen is men zich er niet van bewust dat deze eetbaar zijn. Daarnaast vind je er de bekende appel- of perenbomen, zwarte of blauwe bessenstruiken. Je kunt dus veel van dezelfde planten gebruiken, dit is zeker handig voor mensen die (nog) niet veel plantenkennis hebben en wel geïnteresseerd zijn. Dat is waarschijnlijk de meest handige manier om ze te laten kennismaken met het voedselbos.

Garnense: Om gebruik te maken van de gunstige onderlinge interacties, is er een minimale grootte voor een voedselbos?
Martin Crawford: Je kunt de principes toepassen op vrijwel elke grootte, maar natuurlijk zijn er een aantal dingen die je niet kunt doen op een kleine schaal. Met name als het gaat om de omvang van bomeninfo-icon. In een kleine tuin zou je niet eens ruimte hebben voor een enkele notenboom. In een tuin van slechts 100 vierkante meter is er geen ruimte om een boominfo-icon te planten die tot een diameter van 15 meter kan uitgroeien. Uiteraard is er wel ruimte voor bomen in een tuin van 100 vierkante meter, waarschijnlijk ongeveer 6 kleine fruitbomen van verschillende soorten op dwerggroei-onderstammen.

Op kleine schaal moet je uitgaan van een lagere hoogte en van daaruit naar beneden werken. Je zult er meer kleinere bomen, struikgewas en heesters vinden. Je verliest meer eigenschappen van het bosinfo-icon, zoals de structuur en een aantal van de voordelen die daar bij horen. Natuurlijk zal het een beetje minder efficiënt geworden, want de natuurinfo-icon zal een beetje minder voor je doen dan op een grotere schaal. Een zeer klein eetbaar bos zal onvermijdelijk meer werkinfo-icon per vierkante meter zijn, dan bij een groter voedselbos, want je zal enkele van de natuurlijke voordelen verliezen.

Ik ken mensen met een voedselbos van 50 vierkante meter, ze zien er niet uit zoals mijn eetbare bostuin, maar je kunt nog steeds gebruik maken van dezelfde principes. Je sluit alleen de bovenste lagen uit.

Om antwoordinfo-icon te geven op de vraag of er een minimum ruimte nodig is om een volledig functioneel voedselbos te laten groeien: waarschijnlijk ongeveer 1000 vierkante meter, zodat je ruimte hebt voor enkele hogere bomen en genoeg bio-diversiteit om een volledig functioneel systeem zijn werk te laten doen.

Garnense: Mensen vragen vaak: 'Wat voor opbrengstinfo-icon kan een eetbare bostuin genereren in relatie tot de gangbare landbouwinfo-icon?'. In de landbouw proberen ze de oogst te maximaliseren, maar wat kan je op een duurzame manier oogsten van een bepaald stuk land?
Martin Crawford: Ik zou dit beantwoorden op verschillende manieren. De eerste is dat je een voedselbos kunt zien als een boomgaardinfo-icon met extra aanplant onder en boven. Niemand ziet een boomgaard als onproductief, een commerciële boomgaard levert namelijk een enorme hoeveelheid oogst.

Het probleem met alleen het meten van de output van een systeem en deze te vergelijken met de output van andere systemen is dat je appels met peren vergelijkt. Wat wil je precies meten? De hoeveelheid kilo koolhydraten, de totale hoeveelheid voedselinfo-icon? Output is niet gerelateerd aan duurzaamheidinfo-icon. Als je kijkt naar alle agrarische systemen die vandaag de dag gebruikt worden en je plaatst ze in een grafiek op basis van opbrengst en duurzaamheid dan krijg je een lijn die naar beneden afbuigt.

Hoe hoger de opbrengst van een agrarischinfo-icon systeem, hoe minder duurzaam het is. Dat komt omdat de systemen met de meeste opbrengst vaak diegenen zijn die de meeste energie, chemische middelen en tractoren gebruiken. Als je over duurzaam landgebruik spreekt moet je met al die factoren rekening houden.

Opbrengst is een factor natuurlijk, maar alleen als je rekening houdt met alles wat er nodig is geweest om deze opbrengst te behalen kun je een idee krijgen van de duurzaamheid van de productie.

Een manier om het te meten is door te kijken naar energie-input, dit is redelijk eenvoudig te meten. Vervolgens meet je alle energie-uitgangen, dus je moet alle oogst omzetten in een energie equivalent. Dit is behoorlijk simplistisch omdat het voedsel veel meer is dan alleen energie. Voedsel van een voedselbos heeft meer vitaminen en mineralen dan voedsel uit eenjarige groenten, maar dat is een heel ander onderwerp.

Als je op papier alles omrekent in energie kun je vervolgens de verschillende landbouwsystemen met elkaar vergelijken. De mate van duurzaamheid is de verhouding tussen energie-output en de energie-input. Als je de opbrengst in energie deelt door de input in energie krijg je een cijfer. Voor de gangbare landbouw is dat meestal ergens tussen 1 en 5, soms is het zelfs onder de 1, wat betekent dat de productie meer energie kost dan het oplevert.

Als je vervolgens kijkt naar meerjarige systemen is het cijfer wat je krijgt meestal veel hoger. Bij een eetbaar bos kan dit oplopen tot ongeveer 40 keer de energie die je oogst ten opzichte van wat je er in hebt gestopt. Dat is dus niet het meten van de opbrengst, maar het meten van de verhouding van de opbrengst en de input. Je kunt niet alleen naar het rendement kijken, want de opbrengst is natuurlijk ook belangrijk. Het geeft je alleen wel een inzicht in hoe de opbrengst tot stand komt.

Als je een duurzaam systeem wil hanteren, dan moet je ermee leven dat de opbrengsten niet zo hoog zullen zijn als de oogst van de conventionele landbouw, tuinbouwinfo-icon en boomgaarden. Dit soort velden worden bespoten met allerlei chemicaliën die slechtinfo-icon zijn voor het milieuinfo-icon. De opbrengst zal niet even hoog zijn, maar de input is wel veel en veel minder. Mensen vinden dit gegeven soms moeilijk om te accepteren.

De manier waarop de reguliere landbouw zich heeft ontwikkeld in de afgelopen 200 jaar, is dat de opbrengst is uitgegroeid tot het allerbelangrijkste. 'Om de wereld te voeden, moeten we de opbrengst verdubbelen', dat is vaak de insteek. Het is zo'n dominante factor bij mensen die zich bezig houden met landbouwsystemen. Alle agrarische wetenschappers zijn alleen maar in de opbrengst geïnteresseerd. Als je begint met een dergelijke insteek, zal het je niet lukken om tot een duurzaam systeem te komen, tenminste, dat is wat ik denk.

Garnense: Dit eetbaar bos ziet eruit als een wonderlijk en natuurlijk ontworpen systeem, waarin jij een soort 'Willy Wonka' lijkt die alles over dit wonderlandinfo-icon weet. Ik vraag me af: Wat is de eerste vonk geweest? Hoe ben je van biologische tuinbouw naar een voedselbos gegaan?
Martin Crawford: Wat is er gebeurd? Nou ik denk dat, zoals je waarschijnlijk wel kunt raden, ik een revolutie in mijn denken heb doorgemaakt. Voor mij was dit het grootste deel van de tijd, geen plotselinge openbaring. Het heeft een periode van misschien twee of drie jaar geduurd toen ik enige tijd tuinbouw bedreef en er besef ontstond. Hoewel biologische tuinbouw biologischinfo-icon voedsel produceert, wat geweldig is om te eten en te verkopen, is het in veel opzichten niet veel anders dan de conventionele teelt.

In essentie zijn het slechts een paar dingen die ze anders doen, uiteraard zonder het gebruik van chemicaliën en de bodem wordt een beetje anders behandeld. In vergelijkinginfo-icon met een eetbaar bos is er eigenlijk niet zo heel veel verschil tussen regulier en biologische land- en tuinbouw.

Ik heb een vrij wetenschappelijke achtergrond en dat maakt dat ik graag nieuwe dingen wil uitproberen. Terwijl ik tuinbouw bedreef, had ik erg veel tijd om na te denken, bijvoorbeeld tijdens het eindeloos wieden van de lange, lange rijen wortelen of wat dan ook. Ik begon na te denken over de verschillende manieren waarop voedsel kan worden geproduceerd en ik begon mijn onderzoek. Ik vond Robert Hartinfo-icon in Shrobshire, in het midden van Engelandinfo-icon. Hij begon zelf te experimenteren met een voedselbos in het midden van de jaren '70. Hij schreef een boek en ik ging er heen om te zien wat hij aan het doen was.

Daarnaast kwam ik veel meer over boslandbouwinfo-icon te weten, niet alleen dit soort boslandbouw maar zeker ook de meer groot schalige systemen. Het was alsof veel stukjes van een puzzel langzamerhand op zijn plaats werden gelegd. Toen ik op een gegeven moment doorkreeg wat ik had gezien en onderzocht, had ik voldoende van de puzzel compleet en besefte ik: 'Dit is fantastisch! dat is echt wat ik wil doen, maar werkt dit in ons klimaatinfo-icon? Ik wil het graag proberen!'.

Ik denk dat dit verweven is met een persoonlijke filosofieinfo-icon over hoe je je leven moet leven. Mijn idee is dat als je werkt, maar je kunt er niet van genieten, je leven verspilt. Je krijgt maar één leven. Sommige mensen zullen dit niet met mij eens zijn, maar ik denk dat je maar één leven hebt. De meeste mensen zullen moeten werken, zelfs als je heel sober leeft heb je nog steeds wat geld nodig. Als je je leven zo kunt inrichten dat je voor je werk iets doet wat je leuk vindt, wat je voedt, dan is dat toch fantastisch om naar te streven?

Op een gegeven moment had ik een heel stuk van de puzzel in elkaar gepast en dacht: 'dit is echt wat ik wil doen'. Ik had uitgewerkt hoe ik het systeem wilde maken, maar ik had geen geld om land te kopen, dus moesten we het land op een andere manier zien te krijgen. Ik moest anderen zien te verleiden om hun land te mogen gebruiken en hen ervan te overtuigen dat het niet zomaar een gek idee was. Als je echt iets wilt en het inspireert je, dan is alles mogelijk.

Garnense: Boslandbouw heeft een heel breed spectrum, waar bevindt een eetbare bostuin zich in dat spectrum?
Martin Crawford: Een algemene definitie van boslandbouw is het mengen van lagere bomen met eenjarige gewassen. Er is een soort van mainstream boslandbouw die interessant zou kunnen zijn om op grote schaal toe te passen. Dit soort systemen hebben vaak rechte lijnen van bomen met ruimte er tussenin waar de bodem nog steeds gecultiveerd word. Er groeit vaak tarwe, maïs of gerst bijvoorbeeld. De rijen van de bomen zijn vaak voor houtinfo-icon of eventueel eetbare gewassen.

Dat soort van boslandbouw is heel simpel, het is beter dan een monocultuur, maar slechts een klein beetje. De bomen kunnen maar een klein deel van de potentiële voordelen bieden aan de eenjarige gewassen. Dat is de simpelste vorm en gericht op grootschalige systemen.

Aan de andere kant van de schaal vind je de meer intense vorm van boslandbouw, dat is bostuiniereninfo-icon. Het is altijd op een kleinere schaal, als gevolg van de diversiteit die je nodig hebt om het systeem te laten werken. Het heeft een omvang tot ongeveer 6 hectare. Reguliere boeren en onderzoekers zijn niet geïnteresseerd in dit soort systemen, ze kijken erop neer, deels omdat een voedselbos te complex is om op een traditioneel wetenschappelijke manier eenvoudig te onderzoeken, daarom wordt het genegeerd.

Er is nu in Groot-Brittannië ongeveer 2000 hectare aan eetbaar bos. In vergelijking met de totale landoppervlakte is dat een zeer kleine hoeveelheid. Als je naar andere delen van de wereld kijkt zijn er duizenden vierkante kilometers voedselbos. Toch negeert de agrarische wetenschapinfo-icon ze. Ook al zijn er heel wat mensen die er voor hun levensonderhoud afhankelijk van zijn. Eetbare Bossen zijn de meest betrouwbare systemen die mensen in vele delen van de wereld kennen.

Een voedselbos vind je dus aan de intensieve kant van de boslandbouw en de kleinere schaal, als we het hebben over oppervlakte. Op een bepaalde manier is het ook aan de democratische kant, omdat mensen de neiging hebben het voor zichzelf te doen. Meestal zijn het gezinnen of kleine groepen mensen die door middel van een eetbaar bos voor zichzelf voedsel en materiaal produceren, terwijl de grootschalige boslandbouw veel meer geschikt is voor grote ondernemingen.

Ik ben een voorstander van klein en mooi, ik hou van de kleine schaal. Op de zeer lange termijn is landbouw op grote schaal vrijwel onhoudbaar. Ik zou me liever willen concentreren op de kleine schaal. Als andere mensen zich bezig houden met de grote schaal, is dat prima, als ze dat willen.

Garnense: Waar ben je over 15 jaar?
Martin Crawford: Tegen die tijd beginnen mijn Monkey Puzzle bomen vruchten te dragen, want ze zijn nu ongeveer 15 jaar oud en het duurt ongeveer 30 jaar voordat ze  noten gaan produceren, dus daar kijk ik echt naar uit. Dat is mijn meest lange termijn gewas. Meer serieus, in 15 jaar tijd... Ik weet het niet zeker. In de zin van waar ik dan wil zijn, zo ver heb ik nog niet gekeken, om heel erg eerlijk te zijn. De tuin is in bedrijf, dus ik weet zeker dat dit hier over 15 jaar nog steeds zal zijn. Misschien dat er een of twee dingen anders uitzien, maar ik ben er zeker van dat een groot deel er het hetzelfde uit zal zien. Ik stel me voor ik dan nog steeds de tuin onderhoud.

Als je de ontwikkeling van de afgelopen 10 jaar bekijkt, dan is er een ongelooflijke groei in interesse naar voedselbossen, ongewone eetwaren en eetbare tuinen ontstaan. Het lijkt steeds meer toe te nemen. Waar we met dit in gedachten over 15 jaar zullen zijn? Ik weet het niet. Ik heb geen ambitieinfo-icon om een soort goeroe te worden, die de wereld over reist en de mensen kleine juweeltjes van wijsheidinfo-icon aanreikt. Dit overkomt sommigen in dit vak. Ik wil geworteld zijn in één plaats. Ja, ik zal af en toe reizen, maar hier geworteld zijn geeft me veel. In 15 jaar tijd verwacht ik nog steeds hier te zijn.

Voor meer informatie over het Agroforestryinfo-icon Research Trustinfo-icon, eetbare planten, struikeninfo-icon of bomen en Martin zijn cursussen kijk op: www.agroforestry.co.uk

Related Articles